Stoken op je kampeerplek

Geeft ’s avonds een vuurtje stoken jou het ultieme kampeergevoel? Dat snappen we goed. Daarom hebben bijna al onze natuurkampeerterreinen een centrale vuurhut of stookplaats waar je samen kunt genieten van een knapperend vuurtje.

 

Onze natuurkampeerterreinen liggen midden in de natuur. Waar we rust en ruimte willen bieden aan de vele kampeergasten die ons elk jaar weer bezoeken. Om de terreinen mooi te houden en overlast te voorkomen, is vuur stoken op je eigen plek tijdens het kampeerseizoen (van 31 maart tot eind oktober) niet toegestaan. Wil je koken op open vuur, dan kan dat bij de centrale vuurhut of stookplaats.

 

Dit geldt voor al onze natuurkampeerterreinen, behalve één.

Voor de échte liefhebbers is alleen op natuurkampeerterrein De Veenkuil een vuurtje stoken op de eigen kampeerplek toegestaan tijdens het kampeerseizoen. Hieronder een paar regels, zodat je tijdens het stoken de kampeerplek niet beschadigt en je buurman niet uitrookt: 

 

  • Maak gebruik van een dichte vuurschaal op pootjes die minimaal 30 cm boven de grond staat (geen open vuurkorf en niet direct op de grond). Op natuurkampeerterrein De Veenkuil zijn er vuurschalen op pootjes te huur. Vraag er naar bij de boswachter.
  • Neem zelf hout mee, koop het in de omgeving of indien mogelijk bij de boswachter. Hout sprokkelen in de natuur is niet de bedoeling
  • Gebruik alleen droog hout om rookoverlast te voorkomen
  • Hou tijdens het stoken altijd een emmer water in de buurt
  • Wacht met stoken in ieder geval tot 16.00 uur, zodat het kampeerterrein een groot deel van de dag vrij is van rook
  • Gooi het overgebleven as en houtskool de volgende dag niet in de natuur, maar bijv. in een van de vuurbakken van de gemeenschappelijke stookplek of vuurhut

 

Ook op bij De Veenkuil kan het voorkomen dat er (tijdelijk) niet gestookt mag worden. Bijvoorbeeld als er een verhoogd natuurbrandrisico is. Volg altijd de aanwijzingen van de lokale boswachter. Ontstaat er door het stoken schade aan de kampeerplek, dan kunnen er herstelkosten in rekening gebracht worden.